Over mezelf
Ik ben in 2009 begonnen met de opleiding journalistiek aan de Fontys Hogeschool in Tilburg. Ik had daarvoor een tweejarige opleiding genaamd Mediavision gevolgd op het Koning Willem I College in Den Bosch. Na de middelbare school wist ik niet zo goed wat ik precies wilde doen. Ik heb toen anderhalf jaar een sportopleiding gevolgd omdat ik dat toentertijd goed kon combineren met mijn eigen sport: schermen. Helaas was het toen niet echt mijn ding en kwam ik zodoende uit in Den Bosch. Ik had helemaal geen ervaring met fotografie, maar die passie voor creativiteit had ik daar wel ontdekt en haalde mijn diploma. Maar weer wist ik niet wat ik wilde doen. Ik was toen 23 jaar, maar voelde me te jong om te gaan werken. Op de opleiding ontmoette ik de dochter van schrijver Paul van Loon. We werden goede vriendinnen en ze haalde me over om de opleiding journalistiek te gaan volgen in Tilburg, zodat we uiteindelijk een eigen bedrijf of tijdschrift konden gaan oprichten. Hier had ik heel erg mijn twijfels over, want… schrijven? Ik weet niet of ik daar wel goed in ben, dacht ik toen. Maar ze overtuigde me met allerlei toffe toekomst ideeën. Ik verhuisde naar Brabant en begon zo op de FHJ. En die vriendin? Die was na twee maanden gestopt. Daar zat ik dan, op een journalistiek opleiding waar ik eigenlijk niet zoveel interesse in had. Maar stoppen kon ik ook niet, want ik was al een half jaar verder én ik was ook al gestopt met schermen. Ik beoefende dat op hoog niveau, maar er was geen financiële steun meer.

Studiejaar 1 & 2
Ik was helemaal blanco aan de opleiding begonnen. Ik had geen exacte passie voor het vak. Het begin was daardoor heel erg lastig voor me want ik voelde me niet op mijn plek. Vooral omdat ik met veel mensen in de groep zat die het allemaal zo makkelijk en goed deden. Voor mij was het een soort extra vechten elke keer. Maar stoppen? Nee, ik dacht aan mijn toekomstige stages. Dan zal ik vast wel iets vinden waar ik én heel veel kan leren én heel veel plezier mag beleven. De eerste twee jaar waren daarom vooral heel hard werken voor me ondanks dat ik wel (tot op een paar keer na) alle opdrachten in één keer haalde. Ik zag niet in wat ik eigenlijk allemaal aan het leren was. Daarover straks meer.

Studiejaar 3
Dit was het jaar waar ik mijn eerste stage mocht doen. Ik had het (naar mijn idee) slim aangepakt. Van de vier richtingen op de opleiding wist ik welke ik niet wilde doen namelijk krant en radio. Maar ik kon niet kiezen tussen tijdschrift en tv. Dus wilde ik voor mijn eerste stage bij een tijdschrift stage lopen zodat ik in het vierde jaar iets met tv kon doen. Mijn eerste stage was bij tijdschrift Girlz!, voor meiden tussen de twaalf en achttien jaar. Niet echt iets wat de meeste medestudenten deden. Zij liepen allemaal stage bij een krant. Maar wat heb ik daar ontzettend veel geleerd zeg. Na mijn stage voelde ik me een ander persoon. Ik zag daar namelijk heel veel andere onderdelen van de journalistieke wereld, maar ik ontdekte daar ook dingen over mezelf. Ik kwam erachter wat ik wel en niet leuk vind om te doen en ik zag ook in wat wel en geen journalistiek was. Dat was een goede ervaring. Eenmaal terug op de opleiding hadden we GeR. Elke twee weken moesten we iets maken voor een ander medium. Krant, televisie, radio, tijdschrift en internet. Dat was een ontzettend zware periode, maar zo ontzettend leerzaam. Je komt er dan pas echt achter wat je ligt. Kun je twee keer op een dag stukjes voor het internet schrijven? Of ligt een achtergrondverhaal voor een tijdschrift meer bij je. Ondanks dat het zo moeilijk voor me was, haalde ik alles wel met goede beoordelingen. Maar welke richting wilde ik uiteindelijk op? Het enige wat ik wist, was wat ik niet wilde.

Studiejaar 4
Dit was het jaar waar het eigenlijk ‘mis’ ging. Het jaar daarvoor was ik weer begonnen met mijn sport. In plaats om weer voor Nederland te schermen, besloot ik voor Colombia uit te komen vanwege mijn dubbele nationaliteit. Het was het jaar voor de Olympische Spelen. Ik verhuisde naar Amsterdam en door het vele trainen en reizen, miste ik een aantal vakken. Op sportief gebied had ik heel veel bereikt, maar toen ik eenmaal terugkwam van de Spelen in Londen, zag ik de opleiding niet meer zo zitten. Ik had de halve wereld over gereisd en ik zat weer in een lokaaltje in Tilburg. Ik voelde me ook een beetje vervreemd van alles. Alle studiegenoten die ik kende, zaten in een andere routine.

Mijn tweede stage kon ik gelukkig doen in Amsterdam. Het was eigenlijk precies iets wat ik zocht. Het was een programma bij RTV Noord-Holland genaamd ‘Van Zuks Dus’. Een soort ‘Man Bijt Hond’. Hier leerde ik heel zelfstanding te zijn ondanks dat ik werkte in een klein team. Ik was heel erg op mezelf aangewezen, wat heel erg vervelend was, maar ook heel leerzaam.

Eenmaal weer terug op de opleiding was ik begeleider bij GeR. Toen kwam ik er pas echt achter wat ik allemaal geleerd had de jaren ervoor. Al die tijd dacht ik dat ik niet veel kennis en ervaring had opgedaan. Maar na het zien van de fouten die de studenten maakten, ging er een wereld voor me open. Wow, wat had ik onbewust veel opgestoken. Ik ging het vak van een andere kant bekijken.

Afstudeerperiode mislukt
Toen ik eigenlijk zou moeten afstuderen twee jaar geleden besloot ik naar het buitenland te verhuizen (Parijs). Want daar kon ik beter trainen en het kwalificatiejaar voor de Spelen begon weer. Ik dacht dat ik het afstuderen zou kunnen combineren op afstand, maar ik heb mezelf heel erg teleurgesteld hierin.

Maar nu ben ik terug in Nederland, want ik wil dit deel zó graag afsluiten. Ik wil mijn diploma!

Wat heb ik geleerd?
Ik ben een ander persoon dan dat ik voor de opleiding was. Ik kijk anders naar de wereld, naar mensen en vooral naar de media. Ik heb geleerd om kritisch naar dingen te kijken, maar ik heb ook geleerd dat iedereen een ander perspectief heeft. Het leren over het Gerbner model was een belangrijk onderdeel van mijn ontwikkeling. Het model is bedoeld om uitgebreid het proces tussen gebeurtenis en waarneming van de ontvanger te begrijpen en te analyseren. Informatie gaat nooit lineair van zender naar ontvanger. In het model worden alle stappen tussen de zender en ontvanger doorlopen. Volgens het Gerbner model is berichtgeving niet objectief. Dit is typisch iets wat ik nu overal op toe pas als ik de krant lees of het nieuws zie op televisie. En dan maak ik vaak mijn eigen mening. Dat is iets wat ik voorheen niet begreep. Ik was naïef. Ik nam zowat alles als waarheid aan wat ik las.

Op mijn stages ben ik erachter gekomen dat ik de human interest kant van de journalistiek het meest interessant vind. Verhalen van mensen, dat vind ik mooi. Ik vind het interessant om het te vertellen in schrijfvorm met een mooi portret of iemands verhaal zo mooi mogelijk te laten zien in een video.

Afstudeerproces nu
Hoe heb ik de afgelopen periode het afstudeerproces aangepakt? Ten eerste: de stap zetten. Ik heb best lang uit het ritme geleefd. Ik zat in een andere wereld, waar sport mijn nummer één was. Alles wat ernaast speelde, drong niet tot me door. Daarom ben ik naar Nederland teruggekomen om dit proces aan te pakken. Het eerste wat ik me afvroeg was: wat vind ik interessant en waardoor ik tegelijkertijd kan aantonen dat ik de journalistieke kwaliteiten beheers?

Ik wil iets creatiefs laten zien in combinatie met het verhaal van de mens. Zowel mijn reflectie en mijn product gaan daar uiteindelijk over. Dat is ook namelijk de richting waar ik op wil gaan.

Heel veel mensen vinden dat een human interest verhaal geen echte journalistiek is. Want journalistiek gaat volgens hen alleen over politiek, economie, internationale verhoudingen, oorlogen. Maar het is wel een belangrijk onderdeel in de media. Weliswaar niet direct het belangrijkste en heet het ook ‘soft news’, maar mensen zijn hier wel in geïnteresseerd. En het is mooi om aan andere mensen het stukje mens te laten zien, om ze te inspireren of juist dat ze zich kunnen herkennen in iemands verhaal.

Keuzes
Daarom heb ik voor mijn reflectie gekozen om me te verdiepen in het stukje oprechtheid dat bij interviewen hoort. Hoor je dat altijd te hebben? Of kun je ook met desinteresse in een bepaald persoon een mooi verhaal over iemand schrijven.

Ik heb gekozen om televisie producten te maken omdat ik graag met beeld bezig ben.

Mijn eerste product heb ik gemaakt in het Olympisch dorp in Rio de Janeiro. Niet veel mensen maken zo’n ervaring mee en journalisten mochten ook niet zomaar het dorp in. Vanwege alle social media wisten mensen natuurlijk wel hoe het er ongeveer uitzag. Toen ik daar was, wist ik dat ik iets wilde maken. Maar hoe maak ik het bijzonder? Ik kan heel netjes alles filmen en standaard vragen stellen aan de sporters daar, maar dat was niet speciaal genoeg. Daarom heb ik gekozen om een vlog te maken. De digitalisering zorgt namelijk ook in de journalistiek voor grote veranderingen en vloggen gaat een onderdeel worden. Hoe kan ik een uniek product maken, wat niemand ooit heeft gedaan?

Mijn tweede product is een creatieve documentaire over een jonge groep skaters die in 2012 een band hebben opgericht. De documentaire vertelt een bijzonder verhaal met interessante hoofdpersonen. Het moet begrijpelijk, boeiend en inspirerend zijn. En het moet geen saaie uitweidingen hebben waarbij de kijker zijn aandacht verliest. Het gaat om het beginnen van een nieuwe passie en de veranderingen/groei als persoon. Ik heb hiervoor drie keer gefilmd.

Wie ben ik als journalist?
Ik ben nieuwsgierig naar de mens en hoe hij of zij de wereld ziet. Mensen vragen soms waarom ik geen sportjournalist wil zijn. Maar het boeit me niet om resultaten te volgen. Het boeit mij juist waarom iemand nou doet wat hij doet.

Door de opleiding heb ik geleerd wat een journalist doet, en ik heb ook laten zien dat ik het kan toepassen wanneer nodig is. Maar ik ben geen nieuwsjager. Je zult me nooit bij een krant zien werken tenzij het voor een portret is. Het maakt me dan niet uit of het iemand uit een dorpje is of iemand uit de politiek. Als ze maar een verhaal hebben die ik dan zo mooi (en objectief) mogelijk creatief kan vormgeven.

Toekomst
Ik denk dat jullie wel begrijpen wat voor type journalist ik wil zijn. Ik ben niet zozeer van het harde nieuws, maar ik kan het wel, als het moet. Maar ik weet goed wat ik wil en dat is het maken van diepgaande verhalen over mensen in combinatie met beeld. Ik zou ook goed kunnen werken op een redactie om dingen te regelen en ideeën in de groep te brengen. Ik ben minder goed in het maken van snel nieuws (voor internet of krant bijvoorbeeld). Maar ik kan me wel makkelijk aanpassen voor de doelgroep van het medium waar ik eventueel voor zou werken.

Ik ben heel erg geïnteresseerd om mooie dingen te maken. Ik ben objectief, maar kijk wel met een kritisch oog. Dat is het belangrijkste wat ik heb geleerd. Ik wil daarom ook beter worden in monteren, zodat ik sneller en efficiënter kan werken. Bij mijn stage bij RTV-NH monteerde je als camera journalist een basis filmpje en dat werd uiteindelijk mooier gemaakt door een eindredacteur. Dat wil ik niet. Ik wil zo veel mogelijk zelf kunnen doen zodat ik niet afhankelijk ben van iemand anders.

Het belangrijkste voor mij is nu mijn diploma, zodat ik verder kan met mijn toekomst en kan solliciteren. Ik zal proberen om bij een tijdschrift te werken. Het maakt me niet zoveel uit wat voor genre. En vanuit daar kan ik ook filmpjes of foto’s maken.